Auteur Hendrikje Fictorie schrijft soms over autisme en overige zaken. Deze mooie blog komt van zijn hand.

‘Oh, dat heb ik ook!’
* Mensen herkennen op een willekeurige plek, het overkomt me regelmatig dat het me volkomen ontgaat wie ik voor me heb, bekende of onbekende, naaste of verre kennis, gezichten en namen vormen gescheiden terreinen die ik maar moeizaam aan elkaar gekoppeld hou.
‘Oh, dat heb ik ook!’

* Als het ergens druk is komen geluiden zo sterk bij me binnen dat ik degene met wie ik samen op pad ben amper nog kan volgen. Het geluid van degene naast me valt weg in de kakofonie van geluiden en ik mis de helft of meer van wat gezegd wordt.
‘Oh, dat heb ik ook!’

* De ene dag heb ik energie voor tien, de andere dag ben ik al blij dat ik mezelf daar krijg waar ik die dag moet zijn of kom ik niet verder dan mijn bed uit rollen en de dag doorkomen binnenshuis.
‘Oh, dat heb ik ook!’

* Uitdrukkingen en gezegden, maar ook heel normale woorden, beluister ik in de eerste plaats letterlijk en pas nadat ik de codering heb toegepast weet ik of het letterlijk bedoeld was of toch op een andere manier uitgelegd moet worden. En reageer ik per ongeluk toch of het letterlijk was, dan ga ik maar snel over naar de tactiek van doen alsof het een grapje van me was, dat valt eenvoudiger te verklaren dan het misverstand uitleggen.
‘Oh, dat heb ik ook!’

‘Eh….nee, dat laatste heb ik niet…..komt me raar over wat je daar zegt.’

* Veranderingen die ik niet zie aankomen en die mijn dag verstoren of dingen onmogelijk maken die voorheen vanzelfspraken maken me onrustig, moe en vaak ook heel opstandig. Ik kan er maar met moeite aan wennen, mezelf er maar met mate toe zetten me te voegen naar de verandering die onontkoombaar is.
‘Oh, dat heb ik ook!’

* Al bovenstaande zaken komen dagelijks voor, soms heel vaak, soms incidenteel, maar er gaat geen dag voorbij dat ze plaatsvinden. Het maakt mijn leven lastig, vermoeiend en bovenal onvoorspelbaar waar ik juist het beste functioneer bij een grote mate van voorspelbaarheid.
‘Oh….’

*Veel mensen kennen bovenstaande dingen en nog andere die onvermeld bleven uit eigen ervaring. In meer of mindere mate komen ze die tegen in hun dagelijks leven. En omdat dat zo is kunnen ze maar moeilijk begrijpen wat ik probeer te zeggen als ik hen duidelijk maak dat hun ‘oh, dat heb ik ook!’ een misplaatste ontkenning van wat ik poog te zeggen is.
Ja, ik heb ook weleens een dag waarop alles op rolletjes loopt (maar het zijn de uitzonderingen in mijn leven), ja ik heb ook weleens een dag dat ik iedereen herken (maar dan zie ik meestal bar weinig mensen en weet ik wie ik treffen zal), ja ik heb ook weleens dagen dat verstoringen me niet zo bezighouden dat ik er de dingen die ik doen wou niet meer door voor elkaar kreeg (maar die dagen zijn in de minderheid), ja ik heb ook weleens dagen dat ik geluiden goed verdraag (maar dan heb ik een topdag, een dag waarop ik – zeer zeldzaam dus – energie voor tien heb).

Als iemand mij vertelt dat hij moeizaam loopt, zal ik niet gaan vertellen over die ene keer dat ik door mijn enkel ging en even moeizaam lopen moest, alsof ik ook weet wat moeizaam lopen op een dagelijkse basis betekent voor een mens.
Als iemand mij vertelt dat horen lastiger is geworden, zal ik niet vertellen over de keren dat ik in het geroezemoes geen stemmen kan onderscheiden, alsof mijn probleem identiek te noemen is aan de ervaringen van de dover wordende medemens.
Als iemand mij vertelt dat hartkloppingen een beangstigende ervaring zijn, zal ik niet vertellen over de keren dat angst me om het hart slaat wegens onduidelijke angsten die me de adem weleens benemen, alsof ik daarmee de fysieke klachten die beschreven worden zou kunnen invoelen en begrijpen.
Als ik iemand iets hoor vertellen over zijn of haar eigen levensomstandigheden vermijd ik het angstvallig om te roepen: ‘oh, dat heb ik ook!’